Circulaire agenda voor pensioenfondsen

Uitgave: Pensioen Bestuur & Management (PBM) nummer 2 2019

RENS VAN TILBURG, DIRECTEUR SUSTAINABLE FINANCE LAB AAN DE UNIVERSITEIT UTRECHT EN LID VAN HET SUSTAINABLE PENSION INVESTMENTS LAB (SPIL) Rubriek: Beleggen
Geplaatst op 30-04-2019
Circulaire agenda voor pensioenfondsen ‘De circulaire agenda’ is de nieuwe kennispaper van het Sustainable Pension Investments Lab (SPIL). Hierin staan stappen om nu de transitie naar een circulaire economie een plek te geven in het beleggingsbeleid. Niets doen is geen optie meer. Wel kunnen pensioenfondsen kiezen voor een meer of minder ambitieus circulair beleggingsbeleid. Een circulair beleggingsbeleid helpt ook andere doelstellingen te realiseren, bijvoorbeeld op het terrein van klimaat of de Sustainable Development Goals (SDG’s). Samenwerking tussen pensioenfondsen biedt de mogelijkheid dit sneller, effectiever en doelmatiger te doen.

Stapels onderzoeken zijn er inmiddels die bewijzen dat goed doen voor de wereld niet ten koste hoeft te gaan van het beleggingsrendement. Sterker, uitgebreid empirisch onderzoek laat zien dat verantwoord beleggen daar een positieve bijdrage aan kan leveren. In de vorm van een hoger rendement maar vooral in de vorm van een lager risico (SPIL 2017). Daarbij was het lang de vraag of de goede (Environmental, Social, Governance) ESG -prestaties het gevolg zijn van goede financiële prestaties of de oorzaak daarvan. Eccles et al (2014) hebben voor het eerst deze causaliteit goed uitgezocht. Zij concluderen op basis van een steekproef van 180 Amerikaanse bedrijven dat een hoge ESG-score de oorzaak is van de betere financiële prestatie, vooral op de middellange termijn (langer dan 5 jaar). Bedrijven die in 1993 goed scoorden op ESG blijken in 2010 beter te hebben gerendeerd dan bedrijven met een lagere duurzaamheidsprestatie.

Transitie
Duurzaamheid kan er financieel dus toe doen, op een positieve manier. De vraag is vervolgens wel hoe dat komt. Welke van de vele ESGfactoren doen ertoe? Welke zijn materieel voor een bepaalde belegging? Veel is er de laatste jaren gezegd en geschreven over klimaatverandering. Hoe fossiele energieproducenten tot stranded assets verworden als de energietransitie hun producten overbodig maakt. Over de fysieke risico’s van klimaatverandering, zoals steden die onder water lopen en verwoestijning van landbouwgronden. Verschillende pensioenfondsen hebben inmiddels doelen gesteld om het fossiele gehalte van hun portefeuille (de carbon footprint) te verlagen en ontwikkelen systemen om deze risico’s te beheersen (SPIL 2018).
Veel minder gaat het tot dusver over wat je wel ‘die andere transitie’ mag noemen. De transitie naar een circulaire economie. Een economie die geen afval produceert en geen nieuwe grondstoffen meer nodig heeft. Iets dat hard nodig is gezien de groeiende wereldbevolking, de groeiende inkomens en de eindige en snel slinkende natuurlijke voorraden. Kern van de circulaire economie is om anders om te gaan met producten en processen, zodat onnodige waardevernietiging van grondstoffen en afval- productie wordt voorkomen.

Natuurlijk kapitaal
In de circulaire economie worden materiaalkringlopen gesloten en ontstaat er geen afval. Dit betekent dat producten, onderdelen en materialen een zo hoog mogelijke waarde behouden in de economie. Producten worden ontworpen om zo lang mogelijk te worden (her)gebruikt en daarna te worden gerecycled om weer als basisgrondstof te dienen. In de afgelopen decennia is ons natuurlijk kapitaal bovenmatig belast en aangetast. De risico’s van grondstoffenschaarste nemen toe, evenals de directe en indirecte kosten (ecologische schade) van grondstofwinning en van het afdanken van materialen. Veel grondstoffen gaan ‘ongebruikt’ verloren tijdens productie en gebruiksprocessen. Zo gaat de voedselproductie en -consumptie gepaard met grote verliezen, tot wel 40%. De huidige economie is slechts zeer beperkt circulair. Maar 9% van alle grondstoffen wordt echt circulair gebruikt (Circle Economy 2018).
De levensloop van grondstoffen kan niet langer een lineair proces volgen. De weg van winning, productie naar gebruik en afval. In plaats daarvan gaan we grondstoffen zien als een blijvende bron van economische waarde. Grondstoffen die zo lang mogelijk worden behouden en benut in een systeem dat dit ook faciliteert: de circulaire economie. Nederland richt zich met het ‘Rijksbrede programma circulaire economie’ (2016) op het realiseren van een circulaire economie vóór 2050. De ambitie is om samen met maatschappelijke partners in 2030 een (tussen)doelstelling te realiseren van 50% minder gebruik van nieuwe grondstoffen. In Europa wordt onder andere ook gekeken naar Extended Producer Responsibility (EPR), waarmee producenten verantwoordelijk blijven voor hun product, ook na de gebruiksfase.

Belang voor pensioenfondsen
De SDG’s, en daarmee de circulaire economie, zijn in de eerste plaats relevant voor pensioenfondsen omdat een aanzienlijk deel van hun deelnemers met hun pensioenbesparingen een positieve maatschappelijke impact wil genereren. De circulaire economie biedt hier volop mogelijkheden toe.
Daarnaast is de circulaire transitie ook financieel van belang. Niets doen is daarom geen optie. In de nieuwe kennispaper behandelt SPIL drie instrumenten die pensioenfondsen en hun uitvoerders kunnen inzetten. Elk met een verschillend ambitieniveau. Pensioenfondsen hebben een strategie nodig om de risico’s van deze transitie te mitigeren. Hoe voorkom je dat je als laatste blijft zitten met aandelen van bedrijven die door wetgeving rond afval ineens niet levensvatbaar meer blijken, of omdat de grondstoffen waar ze van afhankelijk zijn onbetaalbaar worden (CE et al 2018).

rvt1

De circulaire transitie biedt ook volop economische kansen. Het aantrekkelijke van de circulaire economie is dat de verandering vormgegeven kan worden door bedrijven. Een circulair bedrijfsmodel verlaagt de afhankelijkheid van grondstoffen, reduceert kosten en risico’s en vergroot de binding met leveranciers en klanten. De toekomstige winnaars zijn de bedrijven die succesvol producten weten te ontwerpen en produceren waarmee ze minder afhankelijk zijn van nieuwe en niet-hernieuwbare grondstoffen. Bedrijven die de keten weten te sluiten zodat grondstoffen beschikbaar blijven. En ondernemingen die met nieuwe verdienmodellen zoals ‘productals- dienst’ waarde weten te genereren. Afhankelijk van het gekozen ambitieniveau kunnen pensioenfondsen en hun uitvoerders verschillende stappen zetten. Beginnend met het vaststellen van een visie en strategie, via het beïnvloeden via engagement van bedrijven en beleidsmakers tot de uiteindelijke investeringen. SPIL schetst de verschillende bestaande methodes om circulaire bedrijven te identificeren, maar benoemt ook wat er nog moet gebeuren voordat circulair beleggen echt mainstream kan worden. Er zijn nog vele uitdagingen. Denk aan het definiëren en meten van ‘lineaire risico’s’ en ‘circulaire kansen’. Of wat de beste manier is om bedrijven uit te sluiten of te selecteren.

rvt2

Vragen stellen
Het zijn grote vragen die niet elk pensioenfondsen zelf kan beantwoorden. SPIL schetst daarom een agenda met de stappen die nodig zijn om te komen tot een werkelijk voor alle pensioenfondsen behapbaar handelingsperspectief. De circulaire agenda voor pensioenfondsen is er daarom één van samenwerking. Hoe komen we tot een visie, tot de juiste indicatoren en hoe herkennen we risico’s? Voor nu is het vooral zaak dat pensioenfondsen de juiste vragen stellen aan hun uitvoerders en aan de bedrijven waarin ze beleggen. Samen kunnen pensioenfondsen bedrijven ertoe brengen hierover te rapporteren.

Literatuur
- Circle Economy (2018) Circularity Gap report.
- Circle Economy, PGGM, KPMG, EBRD en WBCSD (2018) Linear risks.
Eccles, R. G., I. Ioannou en G. Serafeim (2014) The impact of corporate sustainability on organizational processes and performance. Management Science, 60(11), 2835 – 2857.
- SPIL (2018) Wat te doen met klimaatverandering, Kennispaper 4.
- SPIL (2017) De financiële prestaties van verantwoord beleggen, Kennispaper 1.