Invloed van de herijkte scenarioset

Uitgave: Pensioen Bestuur & Management (PBM) nummer 3 2020

MARIEKE KLEIN, CONSULTANT SPRENKELS EN VERSCHUREN Rubriek: Communicatie
Geplaatst op 09-09-2020
Invloed van de herijkte scenarioset De verwachte pensioenuitkering verandert, doordat de voorgeschreven scenarioset is herijkt. Deelnemers hebben sinds vorig jaar inzicht in de pensioenuitkering in verwachte, goede en slechte omstandigheden. Deze bedragen zijn te vinden op mijnpensioenoverzicht.nl en sinds dit jaar ook in de bijlage van het Uniforme Pensioenoverzicht (UPO).

De scenarioset die gebruikt moet worden om deze bedragen vast te stellen is herijkt na advies van de Commissie Parameters 2019. Het aantal negatieve rentes is beperkt en het aantal extreem positieve en extreem negatieve scenario’s van inflatie en aandelenrendementen is afgenomen. Deze wijzigingen hebben tot gevolg dat (bij gelijkblijvende marktomstandigheden) in vergelijking met vorig jaar hogere uitkeringen resulteren in de verwachte situatie en in de situatie als het tegenzit. De uitkering als het meezit valt beperkt lager uit dan vorig jaar.

[kader]
Wat is de scenarioset en hoe kom je van een scenarioset naar een verwachte pensioenuitkering?
De wijze waarop de verwachte pensioenuitkering wordt vastgesteld, is voorgeschreven door DNB. Onderdeel van de berekeningsmethodiek is de scenarioset. De scenarioset bevat voor rente, aandelen en inflatie verschillende scenario’s (paden) voor de komende 60 jaar. Deze scenario’s worden toegepast op de doorrekening van het pensioenfonds (op basis van de financiële positie en het fondsbeleid). Zo resulteren er verwachtingen ten aanzien van toeslagen, kortingen en pensioenopbouw. Per deelnemer wordt doorgerekend wat dit betekent voor de verwachte uitkering bij pensionering.
[einde kader]

Wat betekent dit voor jonge deelnemers van een gemiddeld pensioenfonds?
De verandering is het grootst bij jonge deelnemers. In onderstaande grafiek zijn de verwachte pensioenuitkeringen van een 25-jarige deelnemer in een gemiddeld pensioenfonds1 vergeleken. Hierbij is louter de scenarioset gewijzigd van 2019 naar 2020 (beide het eerste kwartaal).
De uitkering als het tegenzit neemt met circa 10% toe, terwijl de verwachte uitkering met 7% toeneemt. Deze toenames zijn met name het gevolg van de sterkere rentestijging, als gevolg van de vermindering van het aantal negatieve rentes. Als het meezit, is de uitkering in de nieuwe situatie beperkt lager (circa 1%).
Deze afname is met name het gevolg van de beperkte spreiding van aandelen en inflatie. Extreem positieve scenario’s (alsmede extreem negatieve scenario’s) komen minder vaak voor. Hierdoor komen ook extreem hoge (en extreem lage) pensioenuitkeringen minder vaak voor.

De gevolgen voor de pensioenuitkeringen in de drie scenario’s zijn in bijgaand figuur grafisch weergegeven. Hierbij valt het volgende op:
- De spreiding neemt af. Als het meezit komt de uitkering in de nieuwe situatie wat lager uit, als het tegenzit neemt de uitkering ten opzichte van de oude situatie toe.
- De uitkering in de verwachte situatie ligt nog dichter bij de uitkering als het meezit.
- Een deelnemer zal de nieuwe situatie als positiever ervaren: minder risico en een hogere verwachte uitkering.

sv
De gevolgen voor de pensioenuitkeringen in scenario's

[kader]
Beperkt opwaarts potentieel – hoe komt dat?
Het beperkte ‘opwaartse potentieel’ (beperkte verschil tussen verwachte uitkering en uitkering als het meezit) komt doordat een deelnemer nooit meer pensioen mag opbouwen dan een volledig geïndexeerd pensioen. Bij extreem hoge dekkingsgraden mag er derhalve niet meer toeslag uitgedeeld worden dan een deelnemer daadwerkelijk gemist heeft. Door de voorgeschreven scenarioset herstellen in veel scenario’s de dekkingsgraden van de pensioenfondsen en kunnen de gemiste toeslagen in een groot deel van de scenario’s worden goedgemaakt. Hierdoor resulteert voor jonge deelnemers in het verwachte eindresultaat een bijna volledig geïndexeerd pensioen.
[einde kader]

Invloed coronacrisis op verwachte uitkering?

Voor de meeste fondsen zal de coronacrisis geen invloed hebben op de verwachte uitkeringen die zij communiceren in 2020. Pensioenfondsen mogen voor het communiceren van de verwachte uitkeringen in 2020 (en begin 2021) gebruikmaken van de berekeningen die gemaakt zijn voor de haalbaarheidstoets 2020 die veelal in het tweede kwartaal van dit jaar gemaakt is.

[kader]
Gevolgen voor de haalbaarheidstoets 2020
De scenarioset heeft ook een positieve invloed op de uitkomsten in de haalbaarheidstoets 2020.
- Het mediaan pensioenresultaat neemt toe door de sterkere veronderstelde rentestijging in de mediaan.
- De relatieve afwijking neemt beperkt af door de verminderde spreiding van aandelenrendementen, inflatie en rente.

[einde kader]

Deze haalbaarheidstoets gaat uit van de financiële positie en marktomstandigheden per eind 2019. Destijds was er nog geen crisis. Pas als de haalbaarheidstoets 2021 beschikbaar is zal de impact zichtbaar worden. Eind 2020 zal meer duidelijk zijn over hoe de bedragen, die gedurende 2021 gecommuniceerd zullen worden, beïnvloed zijn door de coronacrisis. Feit is wel dat deelnemers in 2020, na het bijwerken van de bedragen op mijnpensioenoverzicht. nl, een verbetering zullen zien van de verwachte pensioenuitkeringen. Deze verbetering zal niet te rijmen zijn met de financiële positie van het pensioenfonds en de economische omstandigheden op dit moment.

1 De uitkomsten per pensioenfonds zijn onder andere afhankelijk van de dekkingsgraad, het beleggingsbeleid, het toeslagbeleid, het premiebeleid, het kortingsbeleid, de bestandssamenstelling en de gemiste toeslagen in het verleden. Voor dit voorbeeld is een (naar ons oordeel) gemiddeld pensioenfonds gebruikt. De verschillen tussen de pensioenfondsen kunnen echter groot zijn.