Diversiteit in vingerlengte

Uitgave: Pensioen Bestuur & Management (PBM) nummer 4 2018

Margreet Schuit, beleidsmedewerker DNB Rubriek: Toezicht
Geplaatst op 20-09-2018
Diversiteit in vingerlengte Heeft u wel eens gehoord van de vingerratio? Dit is de verhouding tussen de lengte van onze wijs- en ringvinger (van je rechterhand). Onderzoek leert dat deze ratio wordt beïnvloed door de hoeveelheid testosteron en oestrogeen waaraan baby’s worden blootgesteld in de baarmoeder.

Hoe meer oestrogenen, hoe langer je wijsvinger. Hoe meer testosteron, hoe langer je ringvinger. Vrouwen hebben meestal een ratio van rond de 1, mannen een ratio van rond de 0,96. Bij een relatief lange wijsvinger, een ratio groter dan 1, overheersen de oestrogenen en daarmee vrouwelijke eigenschappen. Bij een relatief lange ringvinger, een ratio kleiner dan 1, overheersen de mannelijke eigenschappen.

Wat heeft dit alles met pensioen te maken, zult u denken? De neurowetenschapper en voormalig beurshandelaar John Coates heeft onderzocht wat deze vingerratio voor invloed heeft op de beurs. Uit zijn studie blijkt dat handelaren met een lage vingerratio zes keer zo veel verdienden als handelaren met hogere ratio’s. Maar niet alleen testosteron en oestrogeen spelen een rol. Coates toonde ook aan dat er een zeer sterke correlatie bestaat tussen onzekerheid en de hoeveelheid cortisol (stresshormoon) in het bloed. Hoe hoger het cortisolgehalte hoe lager de risicobereidheid. En aangezien een sterke daling van de beurs veel stress met zich meebrengt neemt dan juist de risicobereidheid af, met als gevolg een steeds lagere risicobereidheid en steeds sterker dalende beurzen. Terwijl bij winst op de beurs de productie van testosteron toeneemt en ook de risicobereidheid. Of te wel fysieke reacties van beurshandelaren hebben een procyclisch effect. Bij vrouwen blijken deze fysiologische reacties veel minder sterk op te treden. Het streven naar een goede balans tussen mannen en vrouwen in een beleggingsteam levert dus betere resultaten op. Dit vormt daarmee ook een extra reden voor diversiteit in het fondsbestuur.

Nu blijkt het met die diversiteit als het gaat om mannen en vrouwen in het pensioenfondsbestuur nog steeds tegen te vallen. Volgens de evaluatie van de Wet versterking bestuur pensioenfondsen wordt het beeld bevestigd dat nog niet zo lang geleden door de Monitoringscommissie Code Pensioenfondsen is geschetst. In 2013 was 12,5% van de bestuurders vrouw. Vorig jaar was dat 15%. In ongeveer 40% van de fondsen zit geen enkele vrouw in het bestuur. Het is dus van groot belang dat de pensioensector meer werk gaat maken van diversiteit binnen de besturen. Dit kan onder meer door gebruik te maken van de Handreiking Vergroting Diversiteit die de Pensioenfederatie recent heeft uitgebracht. Zo lang dit nog niet tot resultaten leidt, kan dit misschien gecompenseerd worden door de vinggerratio als variabele toe te voegen en beter te luisteren naar de ‘vrouwelijke’ mannen in het bestuur.