SPIL wijst op circulaire kansen en bedreigingen

Uitgave: Pensioen Bestuur & Management (PBM) nummer 3 2018

RENS VAN TILBURG, [DIRECTEUR SUSTAINABLE FINANCE LAB] UNIVERSITEIT UTRECHT Rubriek: Trends en strategie
Geplaatst op 09-08-2018
SPIL wijst op circulaire kansen en bedreigingen Duurzaamheid staat inmiddels stevig op de agenda bij de Nederlandse pensioenfondsen. En niet alleen bij hen. Duurzaamheid is ook een van de drie speerpunten voor het toezicht van DNB voor de komende vijf jaar. De Europese Commissie publiceerde recent een veelomvattend actieplan waardoor de verantwoordelijkheden van pensioenfondsen rond duurzaamheid verder geëxpliciteerd zullen worden. Tot nu toe gaat het daarbij vooral over klimaatverandering en de energietransitie.

In hun nieuwste kennispaper betoogt het Sustainable Pension Investments Lab (SPIL) dat ook het thema circulaire economie aandacht behoeft van pensioenfondsbestuurders.
Volgens milieukundigen zijn de grenzen van de aarde op dit terrein zelfs al aanzienlijk verder overschreden dan op het terrein van klimaatverandering.

spil

De groene bol (zie de figuur) geeft de planetaire grenzen weer. Zo wordt zichtbaar dat van de zeven planetaire grenzen waarvoor voldoende data beschikbaar zijn er bij drie (biodiversiteit, kunstmest en CO2) sprake is van een duidelijk te zware belasting en bij een (land) de grens bijna wordt bereikt. Met betrekking tot de ozonlaag, zoet water en oceanen blijven we ruimschoots binnen de veilige gebruiksgrenzen. De overgang van de huidige productiewijze naar een circulaire zal dan ook ingrijpend zijn en aanzienlijke gevolgen hebben voor de waarde van beleggingen.
In de huidige economie handelen we alsof grondstoffen onbeperkt beschikbaar zijn en de natuur onbeperkt afval kan verwerken. De aarde is echter een eindig en gesloten systeem. Dit systeem bepaalt de grenzen van onze economie. Dat betekent dat we moeten afstappen van het idee dat de levensloop van grondstoffen een lineair proces volgt, van winning, productie naar gebruik en afval. In plaats daarvan gaan we grondstoffen zien als een blijvende bron van economische waarde, die zo lang mogelijk wordt behouden en benut.

Een economische ontwikkeling die sociaal en ecologisch niet duurzaam is, zal op termijn ook financieel niet rendabel zijn. De transitie naar een circulaire economie zal ook de pensioenbeleggingen raken. De opgave voor de pensioenbelegger is in te zetten op circulaire kansen en de zogenaamde lineaire risico’s te ontlopen. Bedrijven geven de circulaire economie vorm. Daarmee biedt ook de circulaire transitie volop economische en financiële kansen. Een circulair bedrijfsmodel verlaagt de afhankelijkheid van grondstoffen, reduceert kosten en risico’s en vergroot de binding met leveranciers en klanten via nieuwe verdienmodellen zoals ‘product-als-dienst’-modellen.

Tegenover deze kansen staan bedreigingen voor bedrijven die vast blijven houden aan een lineaire wijze van produceren. Deze lopen steeds meer risico ten aanzien van stabiliteit van het aanbod en de prijs. Hierbij kunnen geopolitieke aspecten een rol gaan spelen, aangezien sommige grondstoffen alleen in bepaalde gebieden rendabel gewonnen kunnen worden. Bedrijven die geen rekening houden met externe effecten in de keten lopen ook risico op hogere kosten door toekomstige fi scalisering of regulering. Onlangs becijferde het Planbureau voor de Leefomgeving de jaarlijkse milieuschade van grondstoffenverbruik op 7 miljard euro. Ook de vraagzijde kan verandering in gang zetten, steeds meer afnemers zoeken naar een circulair aanbod.

Het integreren van de circulaire economie in het beleggingsbeleid staat nog in de kinderschoenen. SPIL schetst acht richtingen, eerste stappen, waarlangs een circulair beleggingsbeleid vorm kan krijgen:
1. Het analyseren van lineaire risico’s in het portfolio: welke investeringen zijn ‘at risk’ als de transitie naar een circulaire economie doorzet?
2. Directe investeringen in grote bedrijven zoals Philips die een onderdeel proberen te ‘circulariseren’ (inclusion list).
3. Investeringen in beursgenoteerde bedrijven die zich bezighouden met (onderdelen van) de circulaire economie.
4. Investeringen in private equity, bijvoorbeeld via de side letters aan de PE-fondsen.
5. Publiek-private samenwerking waarbij risico’s deels gegarandeerd worden.
6. Engagement met bedrijven: vragen naar de risico’s van het huidige lineaire bedrijfsmodel en via circulariteit in relatie tot de impactthema’s als de SDG’s.
7. Samenwerken als sector op het gebied van data, kennis, standaarden zetten voor reporting en disclosure.
8. Inzet van maatschappelijke slagkracht door op andere relevante terreinen invloed aan te wenden. Bijvoorbeeld door via het maatschappelijk debat de overheid te bewegen een gelijker speelveld voor circulaire ondernemingen te bewerkstellingen, door externaliteiten van een prijs te voorzien.